Duurzame bronnen
Duurzame energiebronnen zijn vormen van energie waarover de mens voor onbeperkte tijd kan beschikken. Dat betekent ook dat bij de productie en het gebruik het leefmilieu niet wordt aangetast. De tot nu toe gangbare energiebronnen, voornamelijk aardolie, aardgas en steenkool, raken op een gegeven moment op en tasten bij gebruik het leefmilieu aan door de uitstoot broeikasgassen. De vraag wanneer de fossiele brandstoffen opraken, is onderwerp van stevig debat. Volgens de een zal er vanaf 2010 steeds minder olie worden geproduceerd, met als gevolg (veel) hogere brandstofprijzen (ook wel 'peak oil' genoemd). Anderen denken dat deze dalende trend in de productie pas in 2040 zal plaatsvinden.
Zonne- en windenergie
De meest bekende bron van duurzame energie is zonne-energie. Zonnepanelen zetten zonlicht om in elektriciteit (zonnestroom) of in warmte (zonneboilers). De zon is een onbeperkte energiebron en het gebruik ervan tast het leefmilieu niet aan.
Windenergie heeft dezelfde voordelen als zonne-energie: De wind is net als de zon gratis. Natuurlijk zijn er ook nadelen. Een kolen- of gascentrale kan de productie van energie heel nauwkeurig op de vraag afstemmen, zolang er fossiele brandstoffen zijn. Bij zonne- en windenergie is die constante factor er niet.
Biobrandstoffen
Biobrandstoffen horen net als zonne- en windenergie in het rijtje duurzame bronnen thuis. Biologisch materiaal, bijvoorbeeld groenafval, koolzaad of suikerriet, wordt omgezet in elektriciteit (groenafval), biodiesel (koolzaad) of alcohol (suikerriet). Hoewel al deze bronnen hernieuwbaar zijn (je kunt altijd meer aanplanten), kosten ze erg veel ruimte die anders gebruikt kan worden voor (nieuwe) natuur of voedselgewassen. Bovendien komt bij de productie CO2 vrij.
